Harohnny

Former online artificial outing of extremely unreasonable sense, so as to be foolish or (not) taken serious. We moved to http://harohnny.com/.

OFFICIAL HAROHNNY

OFFICIAL HAROHNNY

Yes sir, I can boogie - by Bo V

Dirty Dancing, Footloose, Grease, Hairspray,… Dansfilms zijn net als een goeie chicklit: je kan er niet mee stoppen en je hoopt ooit er zelf eens in te zitten.  De moves en lederen vest van John Travolta, daar zeg je toch geen nee tegen?

Jammer genoeg zeggen de meeste uitgaansmogelijkheden de dag van vandaag daar wel nee tegen. Ze zeggen ja tegen de mainstream tunes van Rihanna, David Guetta en - tienmaal helaas - draaien Gangnam Style tot we er zo grijs van worden als de opa van de paus.  Een move die eerder past op een smaakloze Hells Angel- achtige mobilette dan op de door bier doordrenkte toog in een stinkende dancing zie ik John Travolta dan ook niet snel doen. In de eerste plaats omdat hij nooit op een gladde toog zou staan met zijn fancy schoentjes. Ook omdat zijn witte kousjes vuil zouden worden van het bier, en dat is zoiets als heiligenschennis.
Of zie jij Patrick Swayze soms pintenheffende gebaren maken tijdens de geweldige eindscène waarbij hij Jennifer alle hoeken van het podium laat zien?
No one leaves Baby in a corner.  

Om te beginnen moeten we de rock’n- roll terug tot leven wekken. Niet alleen bij de kern van dancable volk, maar ook de massa errond bereiken. Hen doen ontwaken uit hun roes van dance- indoctrinatie en terug laten kennismaken met waar het allemaal begon - nu voel ik me pas een opa. Het is nu ook niet de bedoeling dat we alle muziek die sinds de jaren 90 is geproduced helemaal gaan bannen, het gaat niet per se om de tijd, wel om - het kind moet een naam hebben - de boogie die erin zit. Het is een soort vibe, swing, die het ene nummer heeft en het andere niet. 
Zonder de boogie zijn meer dan een paar flauwe voetschuifeltjes en heupdraaiingen net alsof je vliegen aan het doodmeppen bent en daarbij een zombie naabootst. Zonder de boogie zou Johnny nooit Baby’s hart veroverd hebben. Niet dat iedereen zomaar zou kunnen dansen als Baby, genen zijn ook een belangrijke factor (die ik - snif - niet bezit).

Het moet ook verder gaan dan dat. Weg met die studentikoze pintjes en vodka- redbulls. Hello punch! En op kledingvlak: leren vestjes, corsages, prom dresses, taillebroeken, cocktailjurken, alles wat gemakkelijk zwiert en je niet beklemt in de vrijheid. Hetzelfde met de overal aanwezige plat gestylede kapsels waar absoluut geen haartje mag uitspringen of je moet je een uur opsluiten in de toiletten om er terug iets deftigs van te maken. Laat de boogie in je haar vrij, laat het zwieren, draaien, waaien, krullen,…wat je maar wil, zolang je maar stop zegt tegen de barbie en ken in jezelf.

Nu stop ik met preken en ga nog eens Dirty Dancing kijken. Lots of boogie loves.

You’re never fully dressed without a smile - by Bo V

The girls are back in town. Net als de boys en de niet te categoriseren randgevallen die we niet mogen uitsluiten zodat we niet beschuldigd worden van genderdiscriminatie. We zijn dus terug in’t stad, en dat zal iedereen geweten hebben. Voorraad Don Simone en Hanepoot? Check. Nieuw Glee- seizoen? Check. Nieuwe resem nog fancier en allesbehalve mainstream feestjes? Check. Nieuwe vriendjes en vriendinnetjes om ons samen mee te bezatten? Check. En - of course - nieuwe literatuur om onze dode uren mee te vullen. Die er wel eens kunnen zijn, zo’n twee maand per jaar. 

Maar naast feestjes moet er ook geshopt, gelachen, gehuild, gegooid, gesmeten, gefaald en ge… (zelf aan te vullen) worden. We hebben nieuwe schoenen nodig om ons streetstyle- imago te bevestigen. Liefst met een stevige hak om de edele delen van rondsluipende verkrachters te vermorzelen tot aikipuree. Een geniepige glimlach wanneer die gestetrien voor je met haar wedges in een verse drol stapt. Een fake tandpastasmile wanneer je aan het werk bent als overpoortslet en je moet inhouden geen volle plateau vodkashotjes over een johnnykerel zijn bol te kappen. Waarbij je dan geniepig zou lachen. Een gemeende schaterlach wanneer je een Elmo- onderbroek cadeau krijgt van je citytrippende vriendinnen.


Een door tranen bedrenkte glimlach bij de sterfscène van Danny in Pearl Harbor en op het moment dat Rachel Finn verlaat in Glee. We huilen pas echt als we doorhebben dat Danny écht dood is en Rachel niet meer terugkeert naar Finn. We huilen wanneer onze hormonen op hol slaan, we zo hard stuiken door onze zattigheid dat zelfs de eigen voeten een obstakel worden, we niet krijgen wat we willen, we iets kwijt zijn dat ons zo dierbaar is dat huilen het enige is waartoe we nog in staat zijn.

We gooien met borden vlak voor onze scheiding - geef het een jaar of 20 en driekwart van jullie heeft al een eerste huwelijk achter de rug - of vlak erna bij de verdeling van het servies - ‘dit was een erfstuk!’. We gooien met boeken als ons lief ons bedriegt. Of om te testen hoe stevig de kaft  is. Het wetboek mediarecht is een goeie. We gooien met schoenen als we een psychische stoornis hebben, want met schoenen gooien dat doe je gewoonweg niet. Nee, zelfs niet na tequila. We gooien met bananenschillen om diezelfde trien met de wedges nog eens te zien stuiken. We smijten bij een bitchfight. Anders niet, nooit, never. Rule nr.1 als je als meisje door het leven wil gaan en dus niet bekeken wil worden als manwijf - en dan blijf ik nog beleefd.

We falen evenveel als we dutsen, we dutsen evenveel als we falen. Wanneer we geen pc hebben bijvoorbeeld, of als de prof je naar voor laat komen om - opnieuw - te falen voor je duizend aandachtige en minder aandachtige toeschouwers. We falen wanneer we een vijf uur durend spelletje Risk verkiezen boven gezellig triviallen met onze o-zo leuke kotgenoten.

Maar of we nu falen, huilen, gooien, smijten, dutsen of rondhangen op artistieke zolderkamers, stiekem, heel stiekem, draait alles -  soms in ons hoofd - toch uit op een feestje. But there should always be whisky in the jar.

Don’t walk away in silence - by Aïda G

Na menig vertiervolle avonden scheen gisteren een dieptepunt in mijn carrière te worden. Half uit ‘t raam van een Brussels appartement bungelend trachtte ik de onvatbaarheid van de hemel te aanschouwen zonder ten onder te gaan aan een gevoel van vervlogen nostalgie doorspekt met bittere kernen van gevoel van gemis. Smartelijk besef.

Voor eens was er geen muziek die de stilte wist te breken. De stilte was er gewoon. Sereniteit onder het mom van zielenrust. Vredige onmededeelzaamheid. Het moment tussen de laatste woorden waarmee ik afscheid nam van A en de gedoogde begroeting van B. Continuïteit in de vorm van personae. Toeval? Convulsie van het lot misschien.

Maar er was dus die ene stilte die mij tot ‘t graven naar de essentie van die geluidloze panne binnen de tijd voerde. Tonaliteit onder nul. Maakt stilte het verschil tussen vatbaarheid en surrealisme? Of wordt de banaliteit hier alweer te veel eer aangereikt? 

Wie ‘t zeggen kan neemt maar beter plaats in zijn kano en vaart hierheen. In tussentijd scandeert Curtis olijk de aanzet van Atrocity Exhibition. Opsmuk en definitief vertrek naar een hoogfeest in de stad zonder op een waardige manier de stilte te molesteren zou pas oneervol zijn. Toch?

(Source: aidag)